Geachte heer, mevrouw,

Alert’s en Rode oren!

Vanaf 1 april j.l. maakt de Openbare Aanbeveling plaats voor de Aanbeveling met ALERT. Een andere naam voor dezelfde inhoud. Wanneer de Reclame Code Commissie (RCC) of het College van Beroep een ernstige overtreding constateert of in het geval een adverteerder herhaaldelijk in de fout gaat, kan een Aanbeveling met ALERT worden opgelegd. Dit betekent dat het secretariaat er voor zorgt dat de uitspraak onder de aandacht wordt gebracht van een breed publiek. Alle uitspraken van de RCC (en CVB) kunnen aan derden ter beschikking worden gesteld en zijn dus openbaar. Met deze naamswijziging wenst de Reclame Code Commissie de verwarring die kon ontstaan bij het gebruik van het woord “openbaar” weg te nemen.

Vanaf deze week wordt ook de rubriek ‘het Rode Oor’. op onze website geïntroduceerd. Hier kunt u lezen welke bedrijven geen gevolg hebben gegeven aan de door de (voorzitter) van de RCC en het CVB geconstateerde overtreding van de Reclame Code.
Uit het SRC jaarverslag 2008 is gebleken dat maar liefst 92% van de adverteerders afgelopen jaar zich schikte naar de uitspraken. Goed nieuws. Uiteraard is ons streven een percentage van 100 te behalen.

Deze maand nemen wij afscheid van een SRC-icoon. Mr. Iedje de Gelder zal na 31 jaar werkzaam te zijn bij de Stichting Reclame Code als secretaris voor de Reclame Code Commissie met pensioen gaan. In zijn toespraak bij haar afscheid, memoreerde voorzitter Willem van der Mee dat de deskundigheid en niet te evenaren inzet van Iedje met node zal worden gemist. Iedje zal gelukkig nog een tijdje beschikbaar zijn als plaatsvervangend secretaris.

 

 

 

Prisca Ancion-Kors, Directeur SRC

De RCC in actie

Met dank aan Bert Lagerweij, Secretaris Reclame Code Commissie 

Reeds gepubliceerde berichten en uitspraken
Sinds de nieuwsbrief van maart zijn op de website reeds diverse nieuwsberichten over zaken van de Reclame Code Commissie verschenen. Het betreft de volgende zaken:

Klacht tegen promo voor televisieserie toegewezen
In een promo worden verschillende scènes uit de serie worden getoond. In een van de scènes zegt een vrouw: “Je hebt je lul gestopt in het vriendinnetje van je zoon”. De Commissie is van oordeel dat de gewraakte zin dermate grof is dat, voor zover deze wordt uitgezonden op tijdstippen dat kinderen ook nog naar de televisie kijken, de grenzen van hetgeen toelaatbaar moet worden geacht zijn overschreden.

De Commissie acht de uiting in strijd met de goede smaak en/of het fatsoen, voor zover deze wordt uitgezonden vóór 20.00 uur en stelt voorwaarden aan het tijdstip van uitzending van de reclame. De Commissie begrijpt dat adverteerder niet de vrije hand heeft inzake het tijdstip waarop de promo’s worden uitgezonden. Dit maakt het oordeel echter niet anders, omdat deze omstandigheid voor verweerders eigen risico komt.

Klacht tegen reclame voor een genezingsdienst afgewezen
In een huis-aan-huis folder wordt een genezingsdienst aangeprezen. In de aanprijzing staan getuigenissen van mensen die zeggen dat ze door het geloof van onder meer darmkanker genezen zijn. Volgens klager is kanker een medische aandoening die slechts door middel van zware medische behandelingen mogelijk te genezen is

Met name van darmkanker is bekend dat deze ziekte zeer lastig tot onmogelijk te genezen is. De Commissie acht de grenzen van hetgeen toelaatbaar moet worden geacht niet overschreden. Zij overweegt daartoe dat adverteerder - in beginsel - de vrijheid heeft om als levensbeschouwelijke organisatie zijn denkbeelden te uiten en dat de uiting geen teksten bevat die de Commissie kwetsend acht. De uiting roept op om gebedsdiensten bij te wonen en geeft de ervaringen weer van verschillende personen, die zij – naar eigen zeggen - met het geloof en de diensten van adverteerder hebben.

Productnaam Vitaminwater niet misleidend
Door de naam Vitaminwater wordt volgens de klager gesuggereerd dat het om bron- of mineraalwater met toevoegingen gaat in plaats van een frisdrank. De Commissie stelt voorop dat uit de naam Vitaminwater onmiskenbaar blijkt dat het om een samengesteld product gaat. Bij een samengesteld product kan, voor wat betreft de aard van het product en de gebruikte ingrediënten, niet uitsluitend van de productnaam worden uitgegaan, nu de productnaam in een dergelijk geval doorgaans slechts een indicatie van de belangrijkste ingrediënten en/of smaken geeft.

De redelijk geïnformeerde, omzichtige en oplettende consument moet geacht worden hiervan op de hoogte te zijn en zal om die reden de ingrediëntendeclaratie lezen voordat hij tot de aankoop van het product besluit.
Uit de ingrediëntendeclaratie blijkt bovendien dat aan Vitaminwater naast andere stoffen ook suiker is toegevoegd, waardoor het in feite een frisdrank is. Volgens adverteerder behoort Vitaminwater tot de productgroep “functional water” of “water+”. Naar het oordeel van de Commissie kan de gemiddelde consument inmiddels met het bestaan van deze specifieke productgroep bekend worden verondersteld. Adverteerder heeft onweersproken gesteld dat deze productgroep reeds vijf jaar bestaat en dat de gemiddelde consument op de hoogte is van het feit dat bekende bron/mineraalwatermerken ook dergelijke producten op de markt brengen. Het feit dat het woord “frisdrank” op de verpakking of in de folder ontbreekt, is geen reden om de klacht gegrond te achten.

Adverteerder heeft onweersproken gesteld dat het gebruik van dit woord niet wettelijk verplicht is, terwijl op grond van het voorgaande het ontbreken van dit woord niet misleidend kan worden geacht. De ingrediëntendeclaratie biedt immers voldoende duidelijkheid over de samenstelling en de aard van het product. Op grond hiervan kan het gebruik van het merk Sourcy op de verpakking evenmin misleidend worden geacht, nog los van het feit dat de felgekleurde verpakking die voor de meeste varianten van Vitaminwater wordt gebruikt duidelijk maakt dat het om een frisdrank gaat. Adverteerder heeft onweersproken gesteld dat, in tegenstelling tot frisdrank, zuiver bron/mineraalwater nooit van een felgekleurde verpakking is voorzien. Het gebruik van het IKB-logo is niet misleidend. Het gebruik van dit logo is toegestaan, nu adverteerder onweersproken heeft gesteld dat Vitaminwater aan de daarvoor geldende eisen voldoet. Voor zover klager bezwaar maakt tegen het feit dat een frisdrank voor dit logo in aanmerking komt, is de Commissie niet bevoegd daarover te oordelen.

Commercial met betrekking tot besparing door over te stappen op andere energieleverancier misleidend
In een aan klager gerichte e-mail staat dat men 300,-- kan besparen door over te stappen op een andere energieleverancier. Volgens klager blijkt deze besparing niet mogelijk. Naar het oordeel van de Commissie wordt de e-mail onvoorwaardelijk gesteld dat de consument € 300,-- kan besparen door over te stappen op gas en elektriciteit van adverteerder.

Op geen enkele wijze blijkt uit de e-mail dat bij de berekening van de besparing is uitgegaan van een op de website geplaatste vergelijking van de variabele tarieven van enkele concurrenten met het vaste tarief van adverteerder. Naar het oordeel van de Commissie had deze, voor de gemiddelde consument essentiële informatie, in de e-mail dienen te worden vermeld. De consument dient immers te kunnen controleren of het door adverteerder toegezegde voordeel ook in zijn geval geldt.

Voorts voldoet de prijsvergelijking niet aan de eis van artikel 13 aanhef en onder c NRC dat de vergelijking op objectieve wijze plaatsvindt. Adverteerder vergelijkt immers het vaste tarief voor zijn product met variabele tarieven van drie concurrenten. Naar het oordeel van de Commissie had adverteerder in de prijsvergelijking steeds moeten uitgaan van hetzij vaste tarieven hetzij variabele tarieven. Doordat adverteerder zijn vaste tarief vergelijkt met variabele tarieven van enkele concurrenten, kan de consument niet objectief vaststellen in hoeverre adverteerder goedkoper is dan de genoemde concurrenten. Dat de consument die informatie kan opvragen via de websites van die concurrenten, doet daaraan niet af. Bij een expliciete prijsvergelijking dient de consument immers in staat te zijn om zonder nader onderzoek te constateren welke aanbieder het goedkoopst is.

In beroep bij het College

Met dank aan Judith Borret-Bouritius, Secretaris College van Beroep

In april-mei 2009 oordeelde het College van Beroep onder meer als volgt:

Commissie is bevoegd te oordelen over de televisiecommercial voor www.erectiestoornis.nl van Medistart en Commissie dient alsnog te onderzoeken of de website www.erectiestoornis.nl een reclame-uiting is.

Het College, dat de zaak heeft teruggewezen naar de Commissie, oordeelde als volgt:
“Volgens eigen zeggen is Medistart een medische uitgeverij die een online medisch netwerk beheert, onder andere bestaande uit diverse websites waarop informatie wordt gegeven met betrekking tot verschillende aandoeningen.

De gewraakte televisiereclame toont een man en een vrouw, samen in bed liggend.

Nadat zij eerst dichtbij elkaar waren gaan liggen, draait de man zich om. Dan staat het beeld stil. Vervolgens zijn de man en de vrouw opnieuw te zien en draait de man zich niet om, maar verdwijnen de man en de vrouw samen onder de dekens.
In de uiting wordt het volgende gezegd:
Voice-over: “In Nederland hebben 800.000 mannen een veel voorkomend probleem dat hun seksleven en dat van hun partners beïnvloedt”.
Man: “Welterusten”.
Vrouw: “Jij ook”.
Voice-over: “Sluit je ogen niet voor een erectiestoornis. Gelukkig zijn er behandelopties … en kan alles weer worden zoals het vroeger was. Ga naar uw huisarts of kijk voor meer informatie op www.erectiestoornis.nl”.

Ten aanzien van de verschillende grieven overweegt het College het volgende.

Ad I.
Het College deelt het oordeel van de Commissie dat zij bevoegd is de televisiereclame te beoordelen omdat deze uiting moet worden aangemerkt als een reclame-uiting in de zin van artikel 1 NRC.

In de televisiereclame wordt de kijker geattendeerd op een onder mannen veel voorkomend probleem, te weten een erectiestoornis, en wordt gezegd: “Gelukkig zijn er behandelopties … en kan alles weer worden zoals het vroeger was”. In dit kader wordt de kijker aangespoord om met dit probleem naar de huisarts te gaan of om voor meer informatie te kijken op de website www.erectiestoornis.nl.
De uiting, waaraan een zeker algemeen voorlichtend karakter niet kan worden ontzegd, richt de aandacht van het publiek op het onder mannen veel voorkomende gezondheidsprobleem van de erectiestoornis en maakt melding van opties tot behandeling daarvan, welke behandelingen ertoe kunnen leiden dat alles weer wordt zoals het vroeger was. Daartoe wordt het consulteren van de huisarts gepropageerd, bij wie (informatie over) behandeling van erectieproblemen kan worden verkregen, en wordt verwezen naar de website, waarop (informatie over) mogelijkheden tot behandeling van erectieproblemen worden aangeboden. Daarmee bevat de uiting niet louter feitelijke informatie, maar bevat zij tevens zodanig wervende elementen voor een denkbeeld en, bij de huisarts of op de website te verkrijgen, diensten, dat de televisiereclame een openbare aanprijzing inhoudt als bedoeld in artikel 1 NRC.

Na terugwijzing zal de Commissie nog hebben te oordelen of deze reclame-uiting strijdig is met bepalingen van de NRC.

Ad II en III.
Deze grieven lenen zich voor gezamenlijke behandeling.
De Commissie heeft geoordeeld dat zij bevoegd is de website www.erectiestoornis.nl te beoordelen omdat deze als reclame-uiting in de zin van artikel 1 NRC moet worden aangemerkt. Dit oordeel wordt daarop gegrond dat deze website “een aanprijzing bevat van een aantal medicijnen, reeds door de enkele vermelding van die medicijnen”.
Deze motivering kan het oordeel dat de website zodanige reclame-uiting is niet dragen.

Het enkele vermelden van een aantal medicijnen op deze website kan immers niet de gevolgtrekking wettigen dat de website een aanprijzing van die medicijnen inhoudt. Voor de beantwoording van de vraag of de website een aanprijzend karakter heeft en als reclame als bedoeld in artikel 1 NRC moet worden aangemerkt, zal de inhoud van de website in haar geheel dienen te worden beschouwd en zal onder meer moeten worden bezien op welke wijze, in welke context en met welk kennelijk doel de desbetreffende medicijnen op de website zijn vermeld.

Na terugwijzing zal alsnog moeten worden onderzocht of de website www.erectiestoornis.nl een reclame-uiting is in de zin van art. 1 NRC. Indien de website als zodanige reclame-uiting blijkt te moeten worden aangemerkt, zal nog moeten worden beoordeeld of de website in strijd is met bepalingen van de NRC.

Reclame Stichting MS Research niet misleidend
Het College vernietigde een beslissing van de Commissie waarbij een radioreclame van de Stichting MS Research misleidend werd bevonden, omdat daarin werd gezegd: “De Stichting MS Research collecteert niet”. De Commissie oordeelde aldus naar aanleiding van een klacht van het Nationaal MS Fonds.

Het College heeft onder meer overwogen:
“Partijen noemen verschillende perioden, sinds welke elk van beiden campagne zouden voeren in de maand november. Wat daarvan zij, de vraag dient te worden beantwoord of de mededeling “De Stichting MS Research collecteert niet” de uiting misleidend doet zijn. Het College beantwoordt die vraag in negatieve zin.

Naar tussen partijen vast staat, collecteert MS Research niet. Het staat vrij MS Research vrij om het publiek hierop te wijzen en de wijze waarop dat gebeurt, acht het College niet ontoelaatbaar.
Uit de overige tekst van de uiting valt op te maken op welke wijze MS Research wel fondsen werft, te weten door de luisteraar aan te sporen een bedrag te gireren en/of een actie te organiseren op het werk of binnen een vereniging.

Het College acht het, gezien de door MS Fonds overgelegde e-mails, aannemelijk dat de gewraakte uiting bij een deel van het publiek tot verwarring heeft geleid, in die zin dat mensen dachten dat er in het geheel niet werd gecollecteerd voor multiple sclerose. Dat betekent echter niet dat de onderhavige uiting, waarin alleen ten aanzien van de Stichting MS Research
-naar waarheid- wordt gezegd dat deze niet collecteert, misleidend zou zijn in de zin van artikel 8.2 van de Nederlandse Reclame Code”.

Vergelijkende reclame van DSW Zorgverzekeraar misleidend.
Het College bevestigde een beslissing van de Commissie dat een advertentie van DSW Zorgverzekeraar in NRC Handelsblad misleidend is.

Het College oordeelde:
In de gewraakte advertentie, die moet worden aangemerkt als vergelijkende reclame in de zin van artikel 13 NRC, wordt de jaarpremie van een basisverzekering bij DSW vergeleken met de jaarpremies van basisverzekeringen bij diverse andere zorgverzekeraars.

Naar uit het beroepschrift valt op te maken, betreft de premie van DSW een netto premie die tevens bruto is, terwijl de overige premies bruto premies zijn, in die zin dat op die premies nog collectiviteitenkorting in mindering zal kunnen worden gebracht. Uit de advertentie valt niet, althans niet voldoende duidelijk op te maken dat deze korting nog niet in de vermelde premies van de andere zorgverzekeraars is verwerkt. Gelet daarop acht het College de advertentie voor de gemiddelde consument onduidelijk ten aanzien van de prijs als bedoeld in artikel 8.2 onder d en is het College van oordeel dat de advertentie de gemiddelde consument ertoe kan brengen een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet had genomen. Gezien het bovenstaande is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.
Nu de advertentie misleidend is in de zin van de NRC, is deze vergelijkende reclame tevens in strijd met artikel 13 onder a NRC. Bovendien kan -nu onvoldoende duidelijkheid wordt gegeven omtrent de prijs- niet worden geoordeeld dat de prijs op objectieve wijze wordt vergeleken als bedoeld in artikel 13 onder c NRC.

Aan bovenstaand oordeel doet niet af dat het in de zorgverzekeringsbranche gebruikelijk zou zijn om bruto premies te publiceren ter vergelijking met premies van andere zorgverzekeraars. Het College acht het niet, althans onvoldoende aannemelijk dat de gemiddelde consument van dit gebruik op de hoogte zou zijn.

Ad II.
Juist is dat de klacht geen betrekking heeft op de onderaan de advertentie staande tekst: “Goedkoper kan niet, duurder hoeft niet”. In zoverre treft deze grief doel.
Echter, naar het oordeel van het College versterkt voornoemde tekst in de onderhavige advertentie wel bovengenoemde onduidelijkheid wat betreft de prijs van een basisverzekering bij DSW, vergeleken met de prijzen van basisverzekeringen bij andere zorgverzekeraars. Dat het hier een slogan betreft, die ook in andere reclame van DSW wordt gebruikt, en die -naar DSW heeft gesteld- geen betrekking heeft op de premievergelijking in de gewraakte advertentie, maar specifiek geldt voor de door DSW gehanteerde premies, acht het College voor de gemiddelde consument niet voldoende duidelijk”.

Abonnementen database

Alle uitspraken van de Reclame Code Commissie en het College van Beroep vanaf 1 januari 2004 tot en met de meest recente zijn beschikbaar in een de uitsprakendatabase op onze website. De uitspraken kunnen van dienst zijn bij nieuw te ontwikkelen campagnes of kunnen gebruikt worden om een mogelijke zaak voor de rechter te onderbouwen. Hier vindt u uitleg over de diverse abonnementmogelijkheden, waaronder een abonnement op het SRC e-mail alert systeem, waardoor u direct weet welke uitspraken de RCC en/of het CvB hebben gedaan m.b.t. een specifiek onderwerp.

Monitoring & Compliance Service

Door Fabian Bloem, Monitoring & Compliance Coördinator

De kernactiviteit van de afdeling Compliance is vast te stellen of adverteerders gevolg geven aan de door de Reclame Code Commissie en/of het College van Beroep geconstateerde overtredingen van de Nederlandse Reclame Code.

Hieronder volgt een overzicht van de eerste vier maanden van 2009 waarin wordt aangegeven in hoeveel dossiers de Reclame Code Commissie en het College van Beroep een reclame-uiting hebben veroordeeld en in welke dossiers adverteerders (nog) geen gevolg hebben gegeven aan de uitspraak. Deze Adverteerders zijn opgenomen in de rubriek Het Rode Oor.

Adverteerders die hier worden vermeld, kunnen altijd contact opnemen met de M&C Service wanneer zij bereid zijn alsnog gevolg te geven aan de beslissing van de Reclame Code Commissie of het College van Beroep. Verwijdering uit deze rubriek kan dan plaatsvinden.

Samenvattend heeft de Reclame Code Commissie in de 1ste 4 maanden van 2009 in 129 dossiers een overtreding van de Reclame Code vastgesteld. In 3 zaken daarvan werd overtreding geconstateerd door de Voorzitter (VAB) en in 5 zaken werd een ALERT* gegeven

*Een ALERT betekent dat de Reclame Code Commissie ervoor zorgt dat de uitspraak onder de aandacht wordt gebracht van een zo een breed mogelijk publiek.

Van deze beslissingen werd 17x beroep ingesteld bij het College van Beroep

Tot op heden hebben 3 adverteerders (nog) geen gehoor gegeven aan de beslissing van de Reclame Code Commissie en zijn om die reden als ‘non-compliant’ geregistreerd. Op www.reclamecode.nl vindt u meer informatie over deze zaken. U kunt er de uitspraak downloaden, waarin ook het verweer van de adverteerder samengevat is opgenomen. 7 zaken zijn nog lopend.

In 3 zaken besloot het College van Beroep anders dan de Reclame Code Commissie dat de reclamecode niet is overtreden (vernietiging van de aanbeveling). In 3 gevallen was het College het eens met de Reclame Code Commissie (bevestiging van de aanbeveling). In 11 zaken staat nog niet definitief vast of de Nederlandse Reclame Code is overtreden (nog in behandeling / terugverwijzing).

Naar aanleiding van de uitspraken van het College van Beroep heeft tot dus ver 1 adverteerder aangegeven geen gevolg te geven aan de uitspraak van het College van Beroep.

Internationaal

Ook op internationaal vlak vinden er vele ontwikkelingen plaats op het terrein van zelfregulering bij reclame. Hier volgen enkele berichten van onder andere zusterorganisaties van SRC.

Frankrijk ı ARPP publiceert nieuw rapport over etniciteit in Franse reclames
ARPP (Autorité de Régulation de Professionnelle de la Publicité) , onderzocht het beeld van etnische minderheden in Franse reclames in 2008. Het eerste merkbare resultaat van het onderzoek is het feit dat er geen degraderende stereotypen of discriminatie in de bestudeerde reclame-uitingen werd gevonden.

Het rapport benadrukt ook een verbetering van de weergave van etnische minderheden in Franse reclames. Uit het vorige rapport van ARPP, in 2005, bleek dat slechts 3% van mensen in reclames van een etnische minderheid was. Binnen drie jaar is dat cijfer toegenomen tot 7%. Verder toont het rapport dat in 29% van de bestudeerde reclame-uitingen de rol die mensen van etnische minderheden speelden geen betrekking hadden op hun etnische achtergrond.

UK | IAB UK stelt regels op voor online reclame
Het Interactive Advertising Bureau UK heeft een reeks Good Practice Principles opgesteld voor online adverteerders. IAB zegt met een aantal belangrijke online spelers te hebben gewerkt om de regels op te stellen. Daarbij ontving het ook steun van de Information Commissioner’s Office, de instantie die o.a. toezicht houdt op het gebruik van persoonsgegevens. De regels zullen in september 2009 in werking treden.

Nieuw bij SRC

Per 26 mei jl. is mr. Fabian Bloem de Monitoring & Compliance Coördinator bij de Stichting Reclame Code. Hij zal zich onder meer gaan richten op de verslaglegging van reclame-uitingen die naar het oordeel van de Reclame Code Commissie en/of het College van Beroep niet in overeenstemming zijn met de Nederlandse Reclame Code en de ontwikkeling van copy advies.

Fabian vervulde voorheen de functie van juridisch consultant bij Singewald Consultants Group BV waar hij zich bezig hield met de ondersteuning van juridische advieswerkzaamheden op het gebied van gegevensbescherming, marketing, promotionele kansspelen en reclame.

Stichting Reclame Code: verantwoorde reclame door adverteerders voor consumenten

 

 

 

 

Agenda

4 juni
SRC bestuursvergadering

11 juni Executive Board meeting EASA te Brussel

18/30 juni & 7/16 juli
RCC zittingen

16 juni
CvB zitting