Stichting Reclame Code
Voor adverteerders
A A A

De bestreden reclame-uitingen

Het betreft:
1)   een Google-advertentie die verschijnt bij het intikken van de zoekopdracht “cbr aanvragen examen”, welke advertentie linkt naar de url www.theoriebespreken.nl/cbr_examen
2)   de website www.theoriebespreken.nl.

De klacht

Klager stelt, samengevat, dat zijn zoon van 17 jaar via Google op de website van adverteerder is beland in verband met het boeken van een datum voor het theorie-examen van het rijbewijs. Op geen enkele wijze wordt in de uitingen duidelijk gemaakt dat adverteerder niets met het CBR te maken heeft. Klager acht dit misleidend. Men zou denken dat de Google advertentie van het CBR is. Hetzelfde geldt voor de website. De zoon van klager dacht ook bij het CBR te boeken. Het is echter geen website van de CBR en dat moet duidelijk worden vermeld en niet in kleine letters onderaan de website, want “de jeugd van tegenwoordig heeft dan allang doorgeklikt”. Indien men het op de website vermelde telefoonnummer belt, wordt men nooit doorverbonden en krijgt men niemand aan de lijn ondanks dat dit een duur nummer is. Adverteerder weigert het door zijn zoon betaalde bedrag terug te storten ondanks dat deze minderjarig is.

Het verweer

Adverteerder heeft gemotiveerd verweer gevoerd.

Het oordeel van de voorzitter

1)  De bestreden reclame-uitingen zijn gericht op personen die een datum wensen te reserveren voor hun theorie-examen in verband met het autorijbewijs. Daarbij dient rekening te worden gehouden met het feit dat een deel van deze personen minderjarig is, nu het ten tijde van het publiceren van de uiting is toegestaan vanaf de leeftijd van 16 jaar het theorie-examen af te leggen. De voorzitter acht het aannemelijk dat personen vanaf 16 jaar reeds zelfstandig in staat zijn een datum voor het theorie-examen te reserveren en dit in een deel van de gevallen ook zullen doen, zoals bij de 17-jarige zoon van klager het geval was.

2)  Het voorgaande is van belang in verband met de vraag of de gewraakte reclame-uitingen het economisch gedrag van een duidelijk herkenbare groep consumenten verstoren of kunnen verstoren. De voorzitter merkt 16 en 17 jarigen aan als een dergelijke duidelijk herkenbare groep. Het betreft immers minderjarigen in een verder volwassen doelgroep. Aangenomen moet worden dat 16 en 17 jarigen in wezenlijke mate deel uitmaken van het publiek dat een datum voor het theorie-examen dient te reserveren en waarop de dienstverlening van adverteerder betrekking heeft. Deze jongeren kunnen, naar algemeen bekend kan worden verondersteld, vooruitlopend op het praktijkexamen reeds het theorie-examen afleggen. Adverteerder dient derhalve rekening te houden met het feit dat haar reclame-uitingen ook minderjarigen kunnen beïnvloeden. De voorzitter acht het op grond van het voorgaande en de klacht passend om de bestreden uitingen vanuit het gezichtspunt van een jongere consument (leeftijd 16 en 17 jaar) te beoordelen. Bij deze consument is, anders ten aanzien van volwassen consumenten, sprake van minder oplettendheid of bedachtzaamheid ten gevolge van onvolwassenheid. Uitgaande hiervan oordeelt de voorzitter als volgt.

3)  De 17-jarige zoon van klager heeft in verband met het reserveren van een datum voor zijn theorie-examen met behulp van Google gezocht op: “cbr aanvragen examen”, hetgeen in dit kader beschouwd kan worden als een voor de hand liggende zoekopdracht. Vervolgens zag hij bij de zoekresultaten als gesponsord resultaat “cbr examen aanvragen? – theoriebespreken.nl” met de toelichting: “Plan hier snel een afspraak in bij het CBR voor je theorie!”. De voorzitter acht het aannemelijk dat het de jongere consument zal ontgaan dat sprake is van een op commerciële basis geplaatste advertentie die niet afkomstig is van het CBR en waarbij men uitsluitend tegen betaling van extra kosten (provisie) een datum voor het theorie-examen kan reserveren. In dit verband wijst de voorzitter op de url van de website waarheen de advertentie verwijst in combinatie met de toelichting waaruit blijkt dat men “hier” een afspraak kan plannen “bij het CBR”. Dit alles lijkt te wijzen op een website die van het CBR is of daaraan is verbonden, waarbij men direct bij het CBR een afspraak maakt.

4)  De voorzitter acht op grond van het voorgaande de Google-advertentie voor de jongere consument onvoldoende duidelijk met betrekking tot het feit dat adverteerder als intermediair optreedt en geen onderdeel is van het CBR. In zoverre is voor de gemiddelde jongere consument geen duidelijke informatie verstrekt over de voornaamste kenmerken van de dienstverlening van adverteerder als bedoeld onder b van artikel 8.2 van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Voorts is de voorzitter van oordeel dat die consument hierdoor ertoe gebracht kan worden een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet had genomen, te weten het tegen bijkomende kosten reserveren van het theorie-examen via adverteerder in plaats van rechtstreeks bij het CBR. Om die reden is de Google-advertentie misleidend en oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

5)  Met betrekking tot de website van adverteerder is van belang dat de homepage zo is ingericht, dat men via een link direct een theorie examen kan gaan reserveren zonder eerst andere informatie te zien dan de tekst: “Maak een keuze uit één van de mogelijkheden om online je theorie-examen te reserveren bij het CBR zonder DigiD door TheorieBespreken.nl” en “Eenvoudig, snel en gemakkelijk je auto theorie examen aanvragen op een CBR-locatie zonder DigiD”. Eventueel, op een groot formaat beeldscherm, ziet men ook de tekst “Theorie examen aanvragen bij het CBR. Via theoriebespreken.nl kun jij snel en eenvoudig je theorie examen aanvragen bij het CBR, voor je motor theorie (A), Bromfiets en Scooter theorie (AM), Personenauto theorie (B) of Taxi (TVT) theorie”. Naar het oordeel van de voorzitter blijkt uit deze informatie voor de gemiddelde jongere consument onvoldoende dat, indien men klikt op de link “direct reserveren”, een overeenkomst zal worden gesloten met adverteerder waarbij zij op grond van die overeenkomst als intermediair handelt. Deze consument zal vermoedelijk niet beseffen dat adverteerder een zelfstandig bedrijf is dat geheel los staat van het CBR.

6)  De voorzitter acht het aannemelijk dat jongere consumenten, voor zover zij de verdere informatie op website al geheel zullen lezen, niet de strekking van de daar vermelde tekst zullen begrijpen. Het had op de weg van adverteerder gelegen om de jongere consument duidelijker te wijzen op het feit dat zij handelt als intermediair en geen onderdeel is van het CBR, eventueel door middel van een voldoende opvallende link naar specifiek voor deze consument bedoelde informatie, waaruit een en ander blijkt. In zoverre is sprake van het op onvoldoende duidelijk wijze verstrekken van essentiële informatie die de jongere consument nodig heeft om een geïnformeerd besluit over een transactie te nemen als bedoeld in artikel 8.3 aanhef en onder c NRC. Voorts is de voorzitter van oordeel dat de gemiddelde jongere consument hierdoor ertoe gebracht zou kunnen worden een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet zou hebben genomen. Om die reden is de website misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC. Ook dit oordeel geldt specifiek ten aanzien van jongere consumenten.

7)  Met betrekking tot de klacht over het op de website vermelde telefoonnummer, verschillen partijen van mening over de vraag of men wordt geholpen indien men dit nummer belt tegen betaling van € 0,90 per minuut. De voorzitter is van oordeel dat in zoverre onvoldoende duidelijkheid bestaat. Adverteerder heeft deze klacht uitdrukkelijk en gemotiveerd weersproken. De voorzitter ziet in hetgeen klager stelt geen aanleiding om op voorhand aan te nemen dat adverteerder via bedoeld telefoonnummer geen enkele service zou verlenen. In zoverre kan de klacht niet slagen.

8)  Het vorenstaande leidt tot de volgende beslissing, waarbij overigens niet wordt ingegaan op de vraag of klager recht heeft op restitutie van het aan adverteerder betaalde bedrag. Dit betreft een civielrechtelijke kwestie die het kader van de beoordeling van een klacht over een reclame-uiting te buiten gaat. Het behoort niet tot de bevoegdheid van de Reclame Code Commissie over dergelijke kwesties te oordelen.

De beslissing van de voorzitter  

Op grond van hetgeen onder 1) tot en met 6) is vermeld, acht de voorzitter de bestreden reclame-uitingen in strijd met het bepaalde in artikel 7 NRC voor zover het betreft jongere consumenten. De voorzitter beveelt adverteerder in zoverre aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken. Voor het overige wijst de voorzitter de klacht af.

Stichting Reclame Code © 2009  |   Privacy Policy  |   Disclaimer
Home  |   Zoeken  |   English  |   RSS  |   Sitemap