Stichting Reclame Code
Voor adverteerders
A A A

De klacht

 

Klager maakt bezwaar tegen het feit dat een reclamefolder van afzender in klagers brievenbus is gedeponeerd, hoewel deze is voorzien van een zogenaamde Nee/Ja-sticker.

 

Het verweer

 

Afzender heeft niet op de klacht gereageerd.

 

De voorzitter van de Code Commissie

 

De voorzitter heeft besloten gebruik te maken van zijn bevoegdheid neergelegd in artikel 12 lid 1 aanhef en onder a van het Reglement betreffende de Reclame Code Commissie en het College van Beroep, inhoudende dat de voorzitter een klacht kan toewijzen indien degene die tegen wie de klacht is gericht geen gebruik heeft gemaakt van de gelegenheid schriftelijk verweer te voeren en de voorzitter van oordeel is dat de klacht de Commissie aanleiding zal geven een onderhandse aanbeveling te doen.

 

Aangezien klager onweersproken heeft meegedeeld dat de bewuste  reclame-uiting is gedeponeerd in klagers brievenbus, die voorzien is van een Nee/Ja-sticker -naar de voorzitter aanneemt een sticker als vermeld in bijlage 1 bij de Code Verspreiding Ongeadresseerd Reclamedrukwerk (Code VOR)- heeft afzender artikel 3.1 Code VOR overtreden. Ingevolge deze bepaling dienen afzenders en verspreiders ieder voor zich en in gezamenlijk overleg alle maatregelen en voorzieningen te treffen die noodzakelijk zijn

-          teneinde de respectering van de op bijlage 1 vermelde stickers te bereiken en

-          voor de verdere uitvoering en naleving van de Code VOR.   

 

De voorzitter beslist als volgt:

Afzender heeft artikel 3.1 van de Code VOR overtreden en de voorzitter beveelt afzender aan om voortaan niet meer op een dergelijke wijze ongeadresseerd reclamedrukwerk te (doen) verspreiden.

 

Stichting Reclame Code © 2009  |   Privacy Policy  |   Disclaimer
Home  |   Zoeken  |   English  |   RSS  |   Sitemap