a a a
 

Uitspraken

Alle uitspraken van de Reclame Code Commissie en het College van Beroep vanaf 2007 vindt u hier.

Terug naar zoekresultaten

Recreatie, amusement, cultuur en sport

Dossiernr:

2023/00146

Datum:

07-06-2023

Uitspraak:

Aanbeveling

Product/dienst:

Recreatie, amusement, cultuur en sport

Motivatie:

Bijzondere Reclamecode

Medium:

Digitale Marketing Communicatie

De bestreden reclame-uiting

Het betreft een video (vlog) op YouTube van 9 maart 2023 van 1 uur, 14 minuten en 32 seconden (1:14:32) met de titel:
“VERRASSING VOOR NOEL ZIJN VERJAARDAG! #3496”.

Onder de video, in de beschrijving staat onder meer:
“(…)
Abonneer op dit kanaal: <hyperlink>
Vorige video: <hyperlink>
Ik speel ook games! Die kan je hier vinden <hyperlink>

___

TopRC <hyperlink> *ad

___

(…)”

 

De klacht

De gehele vlog van “(Influencer)” gaat over de aanschaf van remote vliegtuigen bij Toprc.nl (hierna ook: adverteerder), waarbij reclame wordt gemaakt zonder te vermelden dat het om een samenwerking gaat. Bij het afrekenen van de producten komt hierover in een flits iets voorbij, maar daarmee wordt niet aan de voorwaarden voor het maken van reclame voor een bedrijf voldaan. In de omschrijving bij de video staat wel de url van het bedrijf genoemd met daarachter *Ad, maar dit is volgens klaagster ook niet duidelijk. De wetgeving hierover is inmiddels duidelijk. Er moet duidelijk vermeld worden dat het een samenwerking betreft waarmee “(Influencer)” geld of spullen verdient, aldus klaagster.

 

Het verweer van influencer

Het verweer van influencer wordt als volgt samengevat.

“(Influencer)” en zijn management zijn zich er heel goed van bewust dat de vlogs van “(Influencer)” een groot bereik hebben op YouTube en dat er op hen een grote verantwoordelijkheid rust om te zorgen dat de fans en kijkers van deze vlogs open, eerlijk en transparant van de juiste informatie worden voorzien. Klaagster doet echter enkele onjuiste aannames. Ten eerste is er geen sprake van reclame, maar van sponsoring. In deze vlog krijgt “(Influencer)” namelijk gratis producten van het bedrijf TopRC. Deze producten worden gegeven om een video te funden en de adverteerder heeft geen enkele invloed op de inhoud van de content. Sponsoring heeft, anders dan reclame, niet tot doel om het product te laten verkopen, hierover zijn ook geen afspraken gemaakt.

Bovendien voldoet de uiting aan de regels die voor sponsoring gelden. Aan de kijker moet kenbaar worden gemaakt dat er een vorm van samenwerking is en dit moet duidelijk aangegeven worden, zodat het niet aan de invulling van iemand overblijft of er een mogelijke samenwerking is. De influencer dient in de video te vermelden dat het product is gekregen, dit kan aan het begin of het einde van de video. Deze video duurt maar liefst 1 uur en 14 minuten en de ervaring leert dat een dergelijke langdurige video vaak niet helemaal (af) wordt gekeken. Daarom heeft “(Influencer)” ervoor gekozen om de verplichte vermelding te plaatsen op het moment dat hij de producten daadwerkelijk in ontvangst neemt. In de vlog wordt op tijdcode 58:18 duidelijk het volgende in beeld gebracht: “De volgende producten heb ik gekregen van TopRC”. Ook aan de voorwaarde dat er naar sponsoring verwezen moet worden in de beschrijving is voldaan. “(Influencer)” heeft bovenaan in de beschrijving onder de video duidelijk aangegeven dat het een *AD betreft.

Dat voornoemde vermeldingen voldoende zijn om aan de kijker duidelijk te maken dat het een samenwerking betreft, blijkt ook uit de klacht. Uit de formulering van de klacht blijkt dat klaagster beide vermeldingen heeft waargenomen en hieruit de conclusie heeft getrokken dat het om een samenwerking moest gaan. De vermeldingen hebben hun werk dan ook goed gedaan, uit de video blijkt duidelijk dat het om een samenwerking gaat.

 

Het verweer van adverteerder

Zowel in de omschrijving als in de video wordt vermeld dat “(Influencer)” zijn spullen heeft gekregen. Er is correct gehandeld conform de regelgeving. De vermelding is in de video te zien in minuut 58:17.

 

De mondelinge behandeling

Het standpunt van influencer is nader toegelicht door zijn management en vragen van de Commissie zijn beantwoord. De inhoud hiervan is voor zover nodig opgenomen in het oordeel van de Commissie.

 

Het oordeel van de Commissie

1. Volgens klaagster wordt in de vlog van influencer op YouTube onvoldoende duidelijk gemaakt dat het om (betaalde) reclame en een samenwerking tussen adverteerder en influencer gaat. Daarmee komt de klacht er in feite op neer dat de bestreden uiting in strijd is met artikel 3 onder a en b van de Reclamecode Social Media & Influencer Marketing (RSM).

2. In artikel 3 van de RSM is bepaald dat (a) reclame via Social Media duidelijk als zodanig herkenbaar dient te zijn en dat (b) een Relevante Relatie tussen de verspreider en de adverteerder uitdrukkelijk in de uiting dient te worden vermeld. Volgens artikel 3 onder c kan in ieder geval aan de eisen onder a en b worden voldaan als de inhoud en aard van de “Relevante Relatie” duidelijk en op eenvoudig toegankelijke wijze geopenbaard wordt, bijvoorbeeld door opmaak en/of presentatie. Met Relevante Relatie wordt de relatie tussen de adverteerder en de verspreider (in dit geval influencer) bedoeld die gericht is op het (doen) verspreiden van reclame via Social Media, tegen betaling of enig ander voordeel, die de geloofwaardigheid hiervan kan beïnvloeden, zoals gedefinieerd in artikel 2 RSM.

3. In de vlog is, voor zover hier van belang, te zien hoe influencer zich met twee vrienden naar de winkel van TopRC begeeft om een verjaardagscadeau uit te zoeken voor een van hen. Hier bekijken en bespreken ze het winkelassortiment, voornamelijk de RC vliegtuigen, waarbij zij zich ook laten voorlichten door een verkoper van de winkel. Daarbij is uitvoerig (ongeveer 33 minuten) en gedetailleerd het winkelaanbod van TopRC in beeld. Aan het einde van het winkelbezoek laat influencer bij de kassa de producten zien die ze hebben uitgekozen. Daarna komt op minuut 58:18 van de vlog de volgende tekst voor ongeveer 3 seconden in beeld: “De volgende producten heb ik gekregen van TopRC.”

4. Het (primaire) verweer dat er sprake is van sponsoring in plaats van reclame, treft naar het oordeel van de Commissie geen doel. Het laten zien van de (positieve) eigenschappen van de producten in combinatie met de winkel van TopRC, waarbij het logo van TopRC ook meerdere malen in beeld komt, is onmiskenbaar bedoeld om de aandacht op (de winkel van) TopRC en haar producten (en de verkoop daarvan) te vestigen. Influencer doet dit op een dermate enthousiaste wijze dat de uiting in haar geheel bezien een aanprijzend karakter heeft voor de producten en de winkel van TopRC. Verder voeren verweerders aan dat TopRC geen enkele invloed heeft op de inhoud van de content van de vlog. Niet in geschil is echter dat influencer de producten in de vlog gratis heeft gekregen van TopRC, hierdoor is ook sprake van een Relevante Relatie tussen influencer en TopRC, in de zin van artikel 2 RSM. Dit gegeven kan de geloofwaardigheid van de door influencer in de vlog gemaakte reclame beïnvloeden. Immers, als de consument weet dat er voor influencer een voordeel staat tegenover het tonen en bespreken van de producten en de winkel in de vlog, kan de consument de uiting beter op waarde schatten.

5. Vervolgens dient de Commissie de vraag te beantwoorden of de aard van de uiting (reclame) en de Relevante Relatie in de bestreden uiting duidelijk, respectievelijk uitdrukkelijk als zodanig herkenbaar zijn voor het publiek conform artikel 3 RSM. Uit de toelichting bij dit artikel blijkt dat de vraag of het duidelijk genoeg is, afhangt van de context en het platform dat wordt gebruikt. De openbaarmaking van de Relevante Relatie moet duidelijk leesbaar of hoorbaar zijn, zodat deze vermelding opvalt om de gemiddelde consument naar behoren te informeren. Hierbij moet rekening worden gehouden met het medium waarop de reclame wordt gemaakt, met inbegrip van onder andere de context, plaatsing, tijd, duur, taal en doelgroep. Volgens influencer en adverteerder wordt voldoende duidelijk gemaakt dat het om een samenwerking gaat door zowel de vermelding in de video (“De volgende producten heb ik gekregen van TopRC”) als de vermelding in de beschrijving onder de video (“*ad”). De Commissie oordeelt hierover als volgt.

6. De Commissie acht de vermelding “De volgende producten heb ik gekregen van TopRC” opzichzelfstaand voldoende duidelijk, maar is van oordeel dat in dit specifieke geval deze vermelding, door zijn plaatsing en tijdsduur in de video, onvoldoende duidelijk herkenbaar naar voren wordt gebracht. In de vlog komt de vermelding namelijk pas aan het einde van het winkelbezoek in beeld, terwijl de aanprijzing van de winkel en het assortiment van TopRC reeds aan het begin van dit bezoek aanvangt. Daarbij komen de producten en de winkel van TopRC langdurig en uitvoerig in beeld. Die (te) late vermelding (op minuut 58:18) zal een deel van de kijkers missen, omdat zij de vlog niet helemaal afkijken. Dat laatste is namens influencer ook uitdrukkelijk gesteld. Voor dat deel van de kijkers is de Relevantie Relatie tussen influencer en adverteerder ook daarom onduidelijk. Daar komt bij dat de duur van de vermelding summier is (ongeveer 3 seconden) en daarmee niet proportioneel ten opzichte van de duur van het winkelbezoek (ruim een half uur) aan TopRC. De vermelding in de video is voor degene die even is afgehaakt of stukken uit de vlog overslaat dan ook makkelijk te missen. De vermelding “TopRC <hyperlink> *ad” in de beschrijving maakt dit oordeel niet anders. Deze vermelding informeert de kijker afzonderlijk bezien in dit geval niet naar behoren om duidelijk kenbaar te maken dat de vlog op een samenwerking, door middel van gratis gekregen producten, berust. Derhalve is, binnen de context van de gehele vlog bezien, naar het oordeel van de Commissie onvoldoende kenbaar gemaakt dat er sprake is van een Relevante Relatie tussen influencer en TopRC, waardoor het voor de consument onvoldoende duidelijk is dat de mededelingen over TopRC reclame betreffen.

7. De Commissie is op grond van het vorenstaande van oordeel dat de uiting in strijd is met artikel 3 onder a en b RSM. Op basis van de artikelen 3 en 6 van de RSM zijn adverteerder (TopRC) en verspreider (influencer) beide gezamenlijk verantwoordelijk voor naleving van de RSM. Nu niet is gebleken dat TopRC zich aan een of meer van de zorgplichten als adverteerder heeft gehouden, is de Commissie van oordeel dat TopRC bovendien heeft gehandeld in strijd met artikel 6 RSM.

8. Gelet op het bovenstaande beslist de Commissie als volgt.

 

De beslissing van de Commissie

De Commissie acht de reclame-uiting in strijd met artikel 3 onder a en b RSM. Voor TopRC geldt daarbij dat zij tevens heeft gehandeld in strijd met artikel 6 RSM. De Commissie beveelt influencer en adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.

Opnieuw uitspraken zoeken

Op datum, dossiernummer, trefwoord of soort uitspraak of een combinatie van deze zoekopties.

*Verplicht in te vullen velden

Uitgebreid zoeken