a a a
 

Uitspraken

Alle uitspraken van de Reclame Code Commissie en het College van Beroep vanaf 2007 vindt u hier.

Terug naar zoekresultaten

Voeding en niet- alcoholhoudende dranken

Dossiernr:

2015/00303

Datum:

28-07-2015

Uitspraak:

Aanbeveling

Product/dienst:

Voeding en niet- alcoholhoudende dranken

Motivatie:

Misleiding (overig)

Medium:

Verpakking en etikettering

De bestreden reclame-uiting

Het betreft reclame, aangebracht rond een fles Jacob’s Creek wijn, voor een actie waarbij als hoofdprijs “2 tickets naar de Australian Open 2015” kunnen worden gewonnen en daarnaast “70 tennisprijzen van HEAD”. De klacht

De klacht kan als volgt worden samengevat.

Klaagster vraagt zich af of de actie daadwerkelijk heeft plaatsgevonden en of de prijzen zijn toegekend. Adverteerder geeft hierop geen dan wel een vaag antwoord.

Het verweer

Het verweer kan als volgt worden samengevat.

Klaagster heeft niet zozeer een klacht ingediend, maar stelt meer een vraag. Deze vraag kan bevestigend worden beantwoord, zoals hierna zal worden toegelicht.

De ‘Jacobs Creek Australian Open 2015’ actie (hierna: de “Actie’) is een promotionele actie in verband met het merk Jacobs Creek. Adverteerder licht de actie toe en legt een kopie van de actievoorwaarden over.

Uit de deelnemers zijn 71 prijswinnaars geselecteerd, waarbij de hoofdprijs door loting is bepaald. De loting vond plaats op 8 december 2014. Adverteerder legt een geanonimiseerde brief over, gericht aan de winnares van de hoofdprijs, met reisschema en vliegtickets. De winnares en haar partner zijn op 28 januari 2015 in Australië aangekomen en op 6 februari 2015 teruggevlogen. Op 19 december 2014 zijn de “HEAD” tennisprijzen door het reclamebureau aan de overige 70 prijswinnaars verstuurd. Een kopie van de begeleidende brief en een lijst met postcodes worden eveneens overgelegd. Adverteerder hoopt hiermee voldoende te hebben toegelicht dat de actie daadwerkelijk heeft plaatsgevonden en dat de prijzen zijn uitgereikt. Zo nodig is adverteerder in staat en bereid nader bewijs over te leggen. Van misleidende reclame of strijd met andere bepalingen van de NRC is geen sprake.

De repliek

De repliek kan als volgt worden samengevat.

Klaagster acht het gebruikelijk dat namen en adressen van prijswinnaars in de media worden gepubliceerd. In dat licht bezien doet de opgave door adverteerder van de prijswinnaars,

waarbij de namen en adressen zijn zwart gemaakt, vreemd aan.

Volgens artikel 2A lid 2 van de actievoorwaarden zijn onder meer van deelname uitgesloten: medewerkers, directeuren etc. Met betrekking tot de hoofdprijs legt adverteerder een in het Engels gestelde brief over welke brief is gericht aan de winnaars van de prijs. Klaagster leest door de zwart doorgestreepte namen heen dat als geadresseerden zijn vermeld: “Dear Anoek and David”. Dit zijn mogelijk de voornamen van twee nader door klaagster genoemde managers van adverteerder. Klaagster acht de aanhef van de brief ook ongebruikelijk amicaal, nu daarin alleen voornamen staan. Verder ontbreekt een in het Nederlands gestelde brief, gericht aan de hoofdprijswinnaar. Het zou niet gepast zijn als “Anoek en David” de prijswinnaarsplaats hebben ingenomen.

Het oordeel van de Commissie

1.

De Commissie stelt voorop dat zij voldoende duidelijk acht dat klaagster bezwaar maakt tegen de “bestreden reclame-uiting”, in die zin dat klaagster in twijfel trekt of de actie daadwerkelijk heeft plaatsgevonden en of de prijzen zijn toegekend. Er is derhalve sprake van een klacht, die door de Commissie kan worden behandeld.

2.

In de onderhavige uiting is sprake van een prijsvraag, zodat de uiting valt onder de bijzondere reclamecode Prijsvragen 2012. De klacht luidt echter niet dat de uiting in strijd is met deze bijzondere reclamecode, maar klaagster betwijfelt of de actie daadwerkelijk heeft plaatsgevonden en of de prijzen zijn toegekend. Gelet hierop zal de Commissie de uiting toetsen aan de artikelen 7 en 8 NRC, meer in het bijzonder aan nummer 18 van de bij artikel 8.5 NRC behorende bijlage 1. Adverteerder is reeds bij het in behandeling nemen van de klacht op dit artikel gewezen.

3.

Adverteerder heeft door het overleggen van stukken voldoende aannemelijk gemaakt dat zij in het kader van de onderhavige prijsvraag daadwerkelijk de zogenaamde “HEAD” prijzen heeft toegekend. De Commissie slaat daarbij acht op de overgelegde lijst waarop de winnaars van “HEAD” prijzen (geanonimiseerd) staan en op de overgelegde, in het Nederlands gestelde brief, inhoudende een felicitatie met “een tennisprijs van HEAD. Ten aanzien van de bewuste winnaars ziet de Commissie geen, althans onvoldoende aanleiding om in twijfel te trekken dat het om deelnemers aan de onderhavige prijsvraag gaat en dat de betreffende prijzen daadwerkelijk zijn uitgekeerd. Dat de namen van de winnaars, anders dan hun postcodes en woonplaatsen, zwart zijn gemaakt, maakt dit oordeel niet anders.

4.

Met betrekking tot de brief aan -zoals in het verweer gesteld- de “winnares van de hoofdprijs, met het reisschema”, leest klaagster, ondanks de zwarte balk die over de naam van de geadresseerde is aangebracht, dat deze is gericht aan “Dear Anoek and David”. Klaagster stelt dat dit mogelijk de voornamen zijn van twee managers van adverteerder, van wie zij ook de achternamen noemt. Daarnaast acht klaagster de hier gebruikte aanhef ongebruikelijk, nu deze alleen de voornamen noemt en daardoor amicaal van aard is.

Naar het oordeel van de Commissie heeft klaagster hiermee haar stelling dat de hoofdprijs is toegekend aan personen, die bij adverteerder werkzaam zijn, voldoende gemotiveerd. Het had aldus op de weg van adverteerder gelegen om hierop te reageren en meer in het bijzonder aannemelijk te maken dat de geadresseerden niet als manager of anderszins bij haar werkzaam zijn. Nu adverteerder niet op de hier bedoelde stellingen van klaagster heeft gereageerd, hoewel zij daartoe uitdrukkelijk in de gelegenheid is gesteld, neemt de Commissie aan dat adverteerder niet in staat is die stellingen te weerleggen.

5.

Op grond van het voorgaande en mede in aanmerking genomen dat in de brief niet wordt gerept over de actie en een felicitatie omdat de geadresseerden de hoofdprijs hebben gewonnen ontbreekt, gaat de Commissie ervan uit dat de hoofdprijs is toegekend aan personen die als manager bij adverteerder werkzaam zijn. Deze personen waren echter op grond van artikel 2A lid 2 van de actievoorwaarden van deelname aan de prijsvraag uitgesloten. Aldus is niet komen vast te staan dat de hoofdprijs is uitgekeerd aan een niet uitgesloten deelnemer aan de prijsvraag en bestaat een situatie die gelijk is aan het niet toekennen van de hoofdprijs. In zoverre is er sprake van misleidende reclame als bedoeld in nummer 18 van de bij artikel 8.5 NRC behorende bijlage 1 en daardoor is de bestreden uiting oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

Gelet op het bovenstaande wordt als volgt beslist.

De beslissing

De Commissie acht de reclame in strijd met artikel 7 NRC. Zij beveelt adverteerder aan om voortaan niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.

 

Opnieuw uitspraken zoeken

Op datum, dossiernummer, trefwoord of soort uitspraak of een combinatie van deze zoekopties.

*Verplicht in te vullen velden

Uitgebreid zoeken