A A A

Reclamecode Voor Voedingsmiddelen (RVV) 2015

I. ALGEMENE BEPALINGEN

Toepassingsgebied

Deze Code is van toepassing op alle specifiek voor Nederland bestemde reclame-uitingen voor voedingsmiddelen.

Begripsbepalingen

a. Voedingsmiddel(en):
alle industrieel bereide, veelal verpakte, eet- en drinkwaren die zijn bestemd voor gebruik door de consument.
b. Kinderen: minderjarigen die de leeftijd van 13 jaar nog niet hebben bereikt.
c. Portiegrootte:omvang van de portie in gewicht en/of volume.
d. Kinderidool: personen, als ook getekende- en/of animatiefiguren die bekend zijn door hun deelname aan speciaal op kinderen gerichte en/of speciaal voor kinderen ontwikkelde televisieprogramma’s. Getekende- en/of animatiefiguren die ontwikkeld zijn door adverteerders zelf vallen niet onder de definitie van kinderidool.
e. Point-of-Sale materiaal: Reclame-uitingen aanwezig op een verkooppunt.

II. RECLAME-UITINGEN

Algemeen

1. In een reclame-uiting voor een voedingsmiddel dienen mededelingen over smaak, portiegrootte en een eventuele bijdrage van het aangeprezen voedingsmiddel aan een verantwoord voedingspatroon juist en volledig te zijn.

2.

Op een reclame-uiting voor een voedingsmiddel zijn naast de bepalingen van deze code de bestaande wet- en regelgeving op het gebied van etikettering, voedingswaardeaanduidingen en voedings- en gezondheidsclaims van toepassing.

3.


Lid 1. Gezondheidsclaims


a) Gezondheidsclaims, zoals gedefinieerd in artikel 2, lid 5 van de EU Verordening 1924/2006 (hierna: de Claimsverordening), zijn uitsluitend toegestaan indien deze: 

• als goedgekeurde claim zijn vermeld in de bijlage bij EU Verordening 432/2012 met latere amendementen of
• als goedgekeurde claim zijn vermeld in Commissie Verordeningen welke de toegelaten claims onder artikel 13 lid 5 en artikel 14 van de Claimsverordening bekrachtigen of
• vallen onder een overgangsregeling op grond waarvan het gebruik voorlopig is toegestaan.

Het is verboden gezondheidsclaims te gebruiken die door de Europese Commissie zijn afgewezen of die niet onder een overgangsregeling vallen.

Toelichting 
Alle toegelaten en afgewezen claims worden vermeld in een communautair register waarvan melding wordt gemaakt in artikel 20 van de Claimsverordening. Dit register is uitsluitend beschikbaar in de Engels taal en is te vinden op:
ec.europa.eu/food/safety/labelling_nutrition/claims/register/public/

De Europese Commissie heeft nog geen beslissing genomen over gezondheidsclaims over botanische stoffen daar deze nog niet door de EFSA zijn beoordeeld. Deze gezondheidsclaims vallen onder de overgangstermijn die is bedoeld in artikel 28 lid 5 van de Claimsverordening. Ze kunnen worden gebruikt tot er een definitief besluit over is genomen. De claims waarop deze overgangstermijn van toepassing is, zijn te vinden op http://registerofquestions.efsa.europa.eu/roqFrontend/questionsListLoader?panel=NDA&foodsectorarea=26.


b) In plaats van de bewoordingen waarmee de claim in de onder a) bedoelde verordeningen officieel als goedgekeurde claim is omschreven, mogen in reclame-uitingen ook andere bewoordingen worden gebruikt, mits deze voldoen aan de volgende twee eisen (cumulatief):

• de bewoording reflecteert de aan de goedgekeurde gezondheidsclaim ten grondslag liggende gezondheidsrelatie
• de bewoording voor de consument begrijpelijk is.

Toelichting
Ten behoeve van de beoordeling van de vraag of aan deze twee eisen is voldaan, heeft de Stichting Bewoording Gezondheidsclaims een toetsingskader ontwikkeld, bestaande uit een richtsnoerdocument en een indicatieve lijst met voorbeeldbewoordingen. Het richtsnoerdocument en de indicatieve lijst kunnen worden geraadpleegd via de digitale versie van deze code op www.reclamecode.nl/nrc/.

c) Onder de voorwaarden van artikel 10 lid 3 van de Claimsverordening zijn verwijzingen naar algemene, niet-specifieke voordelen van een voedingsstof of een levensmiddel voor de algemene gezondheid of voor het welzijn op het gebied van de gezondheid toegestaan. De bewuste verwijzing moet dan wel gepaard gaan met een specifieke gezondheidsclaim die is toegestaan bij een verordening als bedoeld onder a) van dit lid.

d) Voor gezondheidsclaims geldt dat alle relevante elementen en gegevens moeten kunnen worden verstrekt, inclusief de gebruiksvoorwaarden waaruit blijkt dat aan de Claimsverordening wordt voldaan. Voorts moet worden voldaan aan de nadere etiketteringsvoorschriften zoals vermeld in artikel 10 lid 2 van de Claimsverordening en de overige eisen van deze verordening.

Lid 2. Voedingsclaims
Voor voedingsclaims, zoals gedefinieerd in artikel 2 lid 4 van de Claimsverordening, geldt dat voldaan moet worden aan de criteria die aan de gebezigde claim ten grondslag liggen, zoals neergelegd in de bijlage bij de Claimsverordening.


4.


Het is verboden om een voedingsmiddel aan te prijzen door verwijzing naar een bepaalde eigenschap, die binnen de relevante groep van producten geen onderscheidend vermogen heeft, teneinde dat Voedingsmiddel door die verwijzing op misleidende wijze te onderscheiden van andere Voedingsmiddelen binnen deze groep producten. 

Toelichting
Wel is toegestaan om een ALGEMEEN kenmerk aan te geven. Bijvoorbeeld: Product X is van nature vetarm. Daarmee wordt namelijk een gemeenschappelijk kenmerk aangegeven dat door alle producten in de categorie waar het over gaat wordt gedeeld. De toevoeging “van nature” is expliciet met dit doel opgenomen in de Claimsverordening.


5.


Wanneer in een reclame-uiting een voedingsmiddel als onderdeel van een maaltijd wordt getoond, dient de getoonde maaltijd te voldoen aan de Richtlijnen Goede Voeding. 

Toelichting
De Richtlijnen Goede Voeding zijn te vinden op:
http://www.gezondheidsraad.nl/nl/adviezen/richtlijnen-goede-voeding-2006.


6.

Het tonen van overmatige consumptie van een voedingsmiddel en het expliciet aansporen tot overmatige consumptie in een reclame-uiting is verboden. Ook mag dergelijk gedrag niet tot voorbeeld worden gesteld of goedgepraat. Gebruikelijke prijs- en volumeacties zijn geen expliciete aansporing tot overmatige consumptie.

7.

Een reclame-uiting voor een voedingsmiddel met een lagere energetische waarde dan het oorspronkelijke voedingsmiddel mag er niet toe aanzetten dat men daarvan meer gaat consumeren dan van het Voedingsmiddel met de oorspronkelijke, hogere, energetische waarde.

Kinderen

8.

lid 1. 
Reclame voor voedingsmiddelen gericht op kinderen tot en met 12 jaar is niet toegestaan. Dit betekent dat 
a) Er geen reclame voor voedingsmiddelen wordt geuit in/op mediadragers welke zich volgens het algemeen in de markt geaccepteerde bereiksonderzoek specifiek richten op kinderen tot en met 12 jaar. 
b) Op/in mediadragers die zich niet specifiek richten op kinderen tot en met 12 jaar reclame voor voedingsmiddelen alleen kan worden geuit wanneer zich volgens het algemeen in de markt geaccepteerde bereiksonderzoek het publiek waarvoor de reclame is bestemd voor minder dan 25% bestaat uit kinderen tot en met 12 jaar. 

lid 2.Uitgezonderd van lid 1. worden:
 
a) Reclame voor voedingsmiddelen die tot stand gekomen is in samenwerking met de overheid en/of een andere erkende autoriteit op het terrein van voeding, gezondheid en/of beweging gericht op kinderen tot en met 12 jaar. 

Toelichting 
Met een erkende autoriteit worden enerzijds nationale erkende autoriteiten bedoeld zoals bijvoorbeeld de overheid zelf (bijv. VWS, EZ, SZW), het Voedingscentrum, het Nationaal Instituut voor Sport en Bewegen, NOCNSF, erkende patiëntenorganisaties zoals o.a. de Nederlandse Hartstichting, de Diabetes Vereniging Nederland en/of de Nederlandse Obesitas Vereniging en beroepsverenigingen in zorg en beweging zoals o.a. de Nederlandse Vereniging voor Diëtisten en het Nederlands Huisartsengenootschap, en anderzijds internationale en Europese autoriteiten zoals o.a. de Wereld Gezondheidsorganisatie en de Europese Commissie.

b) Verpakkingen en point-of-sale materiaal.

 

c) Reclame voor voedingsmiddelen gericht op kinderen van 7 tot en met 12 jaar die voldoet aan de voedingskundige criteria zoals opgenomen in de tabel met bijbehorende portiegrootte lijst die geraadpleegd kunnen worden via de digitale versie van deze code op www.reclamecode.nl/nrc. De artikelen 9 tot en met 11 van deze code zijn van toepassing op deze uitzondering.
Op verzoek van de Stichting Reclame Code legt een adverteerder het volledige etiket over van het product waarop een klacht betrekking heeft.


9.

Een reclame voor een voedingsmiddel dat geassocieerd wordt met een bepaald specifiek voor Kinderen bestemd televisie en/of radioprogramma mag niet getoond worden in reclameblokken tijdens en direct aansluitend op de uitzending van dat programma.

10.

In reclame specifiek gericht op Kinderen, zal een kinderidool niet actief een voedingsmiddel en/of daaraan gerelateerde premiums en diensten aanprijzen.

11.


In een reclame-uiting specifiek gericht op Kinderen mag bij de aanprijzing van een voedingsmiddel niet de indruk worden gewekt dat de consumptie van het aangeprezen voedingsmiddel hen meer status of populariteit onder leeftijdgenoten biedt dan de consumptie van een ander voedingsmiddel.

 


12.

Enkele specifieke vormen van reclame-uitingen op scholen
Het is verboden op verblijven en opvang (peuterspeelzalen, kinderdagverblijven, naschoolse opvang) voor Kinderen en op scholen voor primair onderwijs reclame te maken voor een voedingsmiddel. Hiervan wordt uitgezonderd een voorlichtende reclamecampagne die plaats vindt met instemming van de overheid en/of een andere erkende autoriteit op het terrein van voeding, gezondheid en/of beweging.

Toelichting
Ter verduidelijking: sampling wordt als het maken van reclame beschouwd.


13.


Op scholen voor voortgezet onderwijs worden geen promotionele acties gehouden die uitsluitend tot doel hebben de leerlingen op dat moment aan te zetten tot overmatig gebruik van het aangeprezen voedingsmiddel.


14.

Op scholen voor voortgezet onderwijs worden uitsluitend reguliere verpakkingseenheden van een voedingsmiddel aangeprezen en te koop aangeboden, en niet de maximum, king size, etc. varianten.

15.


Ten aanzien van sponsoring is de meest recente versie van het convenant Scholen voor primair en voortgezet onderwijs en sponsoring van toepassing.

Toelichting
Het Convenant is te vinden op: http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/convenanten/2009/02/24/convenant-scholen-voor-primair-en-voortgezet-onderwijs-en-sponsoring.html

Inwerkingtreding en evaluatie

Deze Code is in werking getreden op 2 juni 2005, gewijzigd per 1 februari 2010 en opnieuw gewijzigd per 1 januari 2015*. Ten aanzien van lopende reclame-uitingen met betrekking tot artikel 8 zal een overgangstermijn gelden van maximaal 6 maanden en/of totdat bestaande mediajaarcontracten zijn verlopen. De code zal na 2 jaar worden geëvalueerd en waar nodig worden bijgesteld.

* De Consumentenbond onderschrijft de Bijzondere Reclamecode voor Voedingsmiddelen zoals ingegaan op 1 januari 2015 niet. De CB is niet akkoord met de code op de volgende onderdelen: de invulling van de voedingskundige criteria en het uitsluiten van verpakkingen en POS materiaal.

Een bijzondere reclamecode die door het bestuur van SRC wordt aangenomen zonder dat de Consumentenbond deze onderschrijft, heeft dezelfde gelding als de overige bijzondere reclamecodes.

 

« vorigevolgende »